Spelregels

Algemeen

Padel wordt zowel dubbel als enkel gespeeld. Er wordt meestal zonder scheidsrechter gespeeld.

 Score

De puntentelling gebeurt zoals bij het tennis. De punten worden geteld volgens het traditionele Britse systeem: 15, 30, 40, game, set en match (deuce bij 40-40). Er kan gespeeld worden tot 2 of 3 gewonnen sets, afhankelijk van de competitieformule.

 Opslag

De opslag gebeurt altijd onderhands nadat men de bal 1 keer laat botsen achter de servicelijn. De bal moet steeds lager dan heuphoogte geraakt worden. De eerste keer wordt de opslag van op de rechterkant genomen, vervolgens wordt er afwisselend links en rechts geserveerd. De bal moet bij de opslag steeds diagonaal worden gespeeld. De serveerder moet met 1 voet op de grond blijven staan. De voet mag hierbij de servicelijn niet overschrijden of raken. De bal moet landen in het servicevlak van de tegenstander (diagonaal) en mag daarna de omheiningsdraad niet raken. Net zoals bij het tennis krijgt men 2 pogingen. Als de bal bij een eerste of tweede service het net raakt en daarna in het correcte servicevak landt, wordt de opslag opnieuw genomen. De ontvanger mag kiezen of hij de bal terugspeelt voor of nadat de bal eventueel nog de zij- en/of achterwand raakt. De return mag niet bovenhands gespeeld worden.
Na de opslag zijn de lijnen van geen belang meer.

 Spelverloop

De bal mag slechts éénmaal botsen op de grond. De bal mag gespeeld worden voor de bots of na de bots eventueel na contact met de muur of de omheining. De bal mag de muur of omheining niet raken voor de bots op de grond.

Men heeft puntverlies als:

  • de bal 2 keer kaatst aan de eigen kant

  • de bal jezelf of je medespeler raakt,

  • de bal eerst de omheiningsdraad raakt vooraleer over het net te gaan of de grond te raken aan de overzijde.

Als de bal via het speelveld over de muren of omheining wordt geslagen is het normaal gezien een punt. Er is een regel die de spelers toelaat de bal van over de omheining terug te slaan.